De in Rotterdam geboren en getogen kunstschilder KAREL van VEEN (1898-1988) woonde en werkte, na een vierjarige opleiding aan de Rotterdamse academie voor Beeldende Kunsten, van 1922 tot 1942 in het Zeeuwse Veere.
Hij woonde met zijn familie aan de Kaai (nr. 91) in het huis met de welluidende naam 'vanouds de Spaerpot'. Gedurende de eerste Veerse jaren, verbleef het jonge gezin Van Veen regelmatig in het buitenland. Al studerend reisde Karel van Veen door Frankrijk en Italië (Perugia) en rondde op die manier het klassieke leerprogramma af, met als exotisch intermezzo een langdurig verblijf in de kashba van Algiers. Omstreeks 1930 vestigde het gezin zich permanent in Veere.
Van zijn buurman de kunstschilder Jan Heyse (1882-1954) had Van Veen inmiddels leren snijden in hout. Hij maakte veel expressieve houtsneden met vooral Veere en de Zeeuwse volksgebruiken als onderwerp
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Van Veen twee jaar geïnterneerd in het gijzelaarskamp Beekvliet in het Brabantse Sint-Michielsgestel. Hij portretteerde daar het halve kamp en gaf er tekenles aan zijn mede geïnterneerden. Na de oorlog keerde hij niet terug naar Veere maar vestigde zich in zijn geboortestad Rotterdam.
Inmiddels had Karel van Veen vooral naam gemaakt als getalenteerd portrettist, wat resulteerde in een opdracht voor enkele officiële statieportretten van koningin Juliana. Naderhand zou hij als particuliere opdracht onder meer de drie zonen van prinses Beatrix schilderen.
Naast talloze portretopdrachten zou hij zich vooral wijden aan zijn vrije werk, zoals minutieus geschilderde stillevens en circussen vol met donkere bonte mensen in schitterende kledij. Van Veen bracht daarop de wereld van het theater in beeld, de straat, beestenspul op het plein, kermis in de stad, met soms een nostalgische verwijzing naar Veere of met daarin een zelfportret. Daarnaast maakte hij prachtige ledepoppen en klein-plastieken in brons en terre cuite.
Bescheiden als hij was, exposeerde Karel van Veen tijdens zijn arbeidzame leven weinig, daardoor zou hij na zijn overlijden in 1988 een: 'BEKENDE ONBEKENDE MEESTER' blijven, die vooral bekendheid genoot vanwege zijn prachtige statieportretten. Dat deze onbekendheid onterecht is, kunt u op deze uitvoerige oeuvre-expositie zelf zien.
Joost Bakker
About Karel (Charles) van Veen |
The painter and graphic artist Karel (Charles) van Veen (1898-1988) lived and worked in the picturesque city of Veere between 1922 and 1942. During the Second World War, he was interned for two years (1942-1944) in the German hostage camp 'Beekvliet' in the village of Sint-Michielsgestel.
After the war, he did not return to Veere, but settled in the city of his birth, Rotterdam, where he became a celebrated portraitist. Van Veen painted numerous official state portraits of H. M. Queen Juliana, which hung throughout the Netherlands in many public places.
In addition to his many commissions, he painted finely detailed still-lives as well as scenes of the circus and fairgrounds. He also specialized in beautifully modelled bronze and terra cotta statues.
Karel van Veen rarely exhibited during his lifetime. Following his death in 1988, he was referred to as a:
This fascinating exhibition of his work may correct this unjustified appellation.